Wormen

Bij honden en katten komen twee verschillende typen wormen voor: rondwormen en lintwormen. Er zijn drie soorten rondwormen: spoelwormen, haakwormen en zweepwormen.De meest voorkomende soort is de spoelworm.


Pups en kittens zijn door hun moeder vrijwel altijd al besmet met spoelwormen. Dit is gebeurd via de moedermelk. Teven geven de infectie zelfs al in de baarmoeder door. Dit komt omdat ieder volwassen dier spoelwormlarven bij zich heeft, die zich niet ontwikkeld hebben, maar in rustfase achter zijn gebleven in spier- en vetweefsel. Zodra nu een teef of poes drachtig wordt, worden deze larven actief en trekken ze naar het melkklierweefsel. Daarom is het belangrijk om van een nest, naast de pups en kittens, ook het moederdier steeds mee te ontwormen !

Ontwormingsadvies voor honden:

  • op de leeftijd van 2, 4, 6 en 8 weken
  • daarna maandelijks tot een leeftijd van een half jaar
  • daarna 4 keer per jaar

Ontwormingsadvies voor katten:

  • op de leeftijd vanaf 3 (>0,5 kg), 5 en 7 weken
  • daarna maandelijks tot een leeftijd van een half jaar
  • daarna 4 keer per jaar

En daarnaast natuurlijk altijd zodra u wormen ziet.
Belangrijk is dat alle honden en katten in huis tegelijkertijd ontwormd worden.

De volwassen spoelworm legt eitjes in de darm en deze komen met de ontlasting naar buiten. Als uw hond of kat op een plek snuffelt die besmet is met wormeieren komen deze al snel op de vacht of neus. U kunt deze eitjes overigens ook zelf via uw schoenzolen in huis brengen. Het dier hoeft zich maar even te likken om ze binnen te krijgen. De eitjes komen in het maagdarmkanaal terecht, hier worden ze tot wormlarve. Ze doorboren de darmwand en een deel begint een trektocht door het lichaam. Hierbij kunnen ze diverse organen beschadigen zoals lever, nieren en hart. Als ze bij de longen komen, gaan ze door de wand van de longblaasjes, ze worden opgehoest, doorgeslikt en komen vervolgens weer in de darm terecht. Hier ontwikkelen ze zich tot volwassen spoelwormen en kunnen weer eitjes leggen. Een ander deel van de larven ontwikkelt zich niet en treedt in een rustfase. Pas bij een zwangerschap worden deze weer actief.

Besmetting is ook mogelijk door zogenaamde tussengastheren, zoals vogels en muizen. Deze dragen de wormeitjes bij zich. Drie weken na het nuttigen van zo'n prooi heeft het huisdier dan volwassen spoelwormen.

Kattenspoelwormen zijn 5 - 10 cm lang en hondenspoelwormen 9 - 17 cm. Alleen bij een ernstige besmetting zien we ze in de ontlasting, of worden ze uitgebraakt. Ze zien eruit als elastiekjes (kat) of spaghettislierten (hond). Maar als u nooit wormen ziet, wil dat zeker niet zeggen dat uw huisdier ze ook niet heeft! Typerend bij pups en kittens is het opgezette "wormenbuikje". Een spoelworminfectie levert altijd een verminderde weerstand tegen ziekten op, soms ook diarree of juist verstopping. Dikwijls is er ook sprake van bloedarmoede. Het is in ieder geval een bron van besmetting voor de omgeving.

Een andere veelvoorkomende worm is de lintworm.
De lintworm leeft in de darm van uw huisdier en kan enkele millimeters tot enkele meters lang worden. Ze bestaat uit een kop, een hals en een groot aantal schakels die gevuld zijn met tientallen lintwormeitjes. Die schakels (ze zien eruit als rijstekorrels) zijn te vinden in de uitwerpselen of in de vacht rond de anus van een geïnfecteerd dier. Soms bewegen ze nog. Ook op de favoriete ligplaats van de hond of kat liggen dan meestal rijstekorrels.

De vlo is tussengastheer van de lintworm. Die vlo heeft lintwormeitjes tot zich genomen die zich ontwikkelen tot lintwormlarven. Door de tussengastheer op te eten, wordt de hond of kat besmet. In de darm van het huisdier ontwikkelt de larve zich tot volwassen lintworm. Dus als men een lintwormbesmetting aantreft is het van belang het dier ook tegen vlooien te behandelen en vice versa.

Er zijn overigens nog meer zg. tussengastheren: voor de hond is dat het konijn en voor de kat de muis. We hebben dan wel weer met een andere lintwormsoort te maken.

Met lintworm besmette huisdieren kunnen vermageren en worden vatbaarder voor ziekten.

Het zal duidelijk zijn dat het echt belangrijk is om uw huisdier regelmatig te ontwormen, ook als u helemaal geen wormen ziet. U kunt op de kliniek altijd terecht voor een goed ontwormingsmiddel. Afhankelijk van onder meer de diersoort en zijn of haar lichaamsgewicht, kunt u kiezen tussen een middel in tabletvorm of een ontwormingspasta. Beiden zijn werkzaam tegen alle hier omschreven wormsoorten tegelijk.

 

 

 

 

Ook de mens kan een spoelworminfectie oplopen. De eitjes ontwikkelen zich dan weliswaar niet tot volwassen wormen, maar de larven kunnen wel degelijk de gezondheid schade toebrengen.

Kinderen spelen vaak buiten of laag bij de grond, op deze manier kunnen ze wormeitjes aan de handen krijgen. Als ze deze in hun mond steken kunnen ze de eitjes binnen krijgen.

Grondmonsters uit parken en zandbakken bevatten vaak spoelwormeieren.

Handen wassen na het buiten spelen (of tuinieren) is dus ook om deze reden raadzaam.