Teken

Teken zijn spinachtigen die zich schuil houden in bossen en struiken, vooral in het voor- en najaar. Ze wachten af tot een dier of mens langskomt en laten zich dan vallen in de vacht. Daarna kruipen ze richting de huid waar ze zich vasthechten en bloed gaan zuigen.

Teken kunnen naast ontstekingen, abcessen en bloedarmoede ook ziekten veroorzaken. Er bestaan verschillende tekensoorten, waarvan de Ixodes Ricinus de meest voorkomende in ons land is. Ongeveer 40% van deze tekensoort is besmet met de ziekte van Lyme, welke deze op mens en dier kunnen overbrengen.
Daarnaast zijn Babesiose (piroplasmose) en Ehrlichiose (rickettsiose) de belangrijkste ziekten die door teken kunnen worden overgedragen.

Belangrijk om te weten is dat teken pas een ziekte kunnen overbrengen met het bloedzuigen. De teek spuit eerst wat speeksel, en daarmee tevens eventuele ziektekiemen, in zijn slachtoffer voordat hij bloed gaat zuigen. Daarmee voorkomt hij dat zijn zuigsnuit verstopt raakt. De teek heeft echter zo'n 24 uur nodig om bij zijn prooi een geschikte plaats te vinden om bloed te zuigen.

Wat te doen als een dier een teek heeft?

Het is dus van belang om een teek zo snel mogelijk te verwijderen. Dit kan met een pincet of tekentang.

Ga de teek niet verdoven met alcohol of met een sigaret, de teek zal dan juist zijn speeksel laten lopen en kan zo een ziekte overbrengen.

Soms blijft het kopje van de teek achter. Dit is niet erg, het laat meestal na enige tijd vanzelf los. Als de plek opzwelt en rood wordt, moet u even langs de dierenarts. Het wondje is dan mogelijk ontstoken.

 

 

 

 

 

 

Om te voorkomen dat uw hond of kat teken krijgt kunt u het dier te behandelen met een spray of shampoo, of met pipetten in de nek. Voor honden zijn er in de kliniek goed werkende tekenbanden verkrijgbaar. We adviseren u graag!