Echografie

 

Een echo, wat houdt dat in?

Bij de echografie wordt er gebruik gemaakt van ultrasone geluidsgolven. Deze worden met behulp van een zogenaamde transducer de patiënt in gestuurd, worden teruggekaatst door de verschillende weefsels en structuren die ze tegenkomen en weer opgevangen door de transducer. Dit weerkaatsingsbeeld wordt door de computer omgezet in een beeld op de monitor. Omdat verschillende soorten weefsels de geluidsgolven op verschillende manieren terugkaatsen, kan op deze manier een goed beeld verkregen worden van de organen.

Wat kun je met een echo?

Bij een echo maken we als het ware een doorsnede door de organen, en door in verschillende richtingen te scannen wordt zo een driedimensionaal beeld verkregen. Hierdoor kan de grootte, de vorm, de structuur en de echorijkheid van de weefsels beoordeeld worden.

Buikorganen als lever, milt, darmen, nieren en blaas kunnen beoordeeld worden, tevens kan het hart in beeld gebracht worden. Ook kunnen er onder echobegeleiding gericht biopten (weefselmonsters) van bepaalde organen genomen worden, of kan steriel urine aangeprikt worden bij verdenking van blaasontsteking.

Het bekendste echo-onderzoek bij de mens is natuurlijk de ‘pretecho’ bij een zwangerschap; ook bij dieren kunnen we op deze manier drachtigheid vaststellen (vanaf ongeveer 25 dagen dracht).

Wat gaat er nu precies gebeuren?

Het maken van een echo is niet pijnlijk en kan in principe gewoon bij het wakkere dier uitgevoerd worden. De patiënt moet wel een tijdje stil op de rug blijven liggen; als het dier hiervoor te onrustig is, is soms toch een rustgevende injectie nodig. In de meeste gevallen kan de eigenaar aanwezig blijven tijdens het maken van de echo, dit is voor het dier ook rustgevender.

Het onderzoek neemt meestal 30 tot 45 minuten in beslag.
Tijdens het maken van de echo kunnen er foto’s of zelfs filmpjes gemaakt worden van de echobeelden. Dit is bijvoorbeeld erg leuk bij het vaststellen van een drachtigheid. Deze beelden kan de eigenaar meekrijgen op een Cd-rom.

Op een houtje bijten en naar de kapper…

Voor onderzoek van de buik is het belangrijk dat het dier nuchter is; dit omdat een vol maagdarmkanaal (vooral de maag) storing geeft in het echobeeld. Ook veel drinken vlak voor de echo is niet gewenst, omdat er hierbij teveel lucht ingeslikt wordt. De urineblaas moet goed gevuld zijn, dit houdt in dat het dier minimaal een uur voor de echo niet meer geplast mag hebben.

Omdat de echogolven niet door lucht heen kunnen komen, moet het te onderzoeken gebied geschoren worden (zodat er geen lucht tussen de haren blijft zitten) en ingesmeerd worden met echogel.

Wie maakt de echo?

In onze kliniek wordt echo-onderzoek uitgevoerd door de dierenarts E. Ruardi.

 

 

 

 


Omdat de echogolven niet door lucht heen kunnen komen, moet het te onderzoeken gebied geschoren worden.

 


Het onderzoek neemt meestal 30 tot 45 minuten in beslag.

 

Nascholingen E. Ruardi